LetselschadeSlachtoffer.nl

Wanneer iemand getroffen wordt door een ongeval, kan het zijn dat hij/zij hierdoor lichamelijk of geestelijk letsel oploopt. De benadeelde heeft doorgaans de mogelijkheid om zijn/haar schade te claimen. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen materiële en immateriële schade[1]. Immateriële schade wordt slechts naar billijkheid vergoed[2], terwijl materiële schade in beginsel volledig wordt vergoed.

De grondslag voor uitkering van materiële schade

De grondslag van vermogensschade staat beschreven in het Burgerlijk Wetboek afdeling 6.1.10. In deze afdeling worden alle wettelijke verplichtingen tot schadevergoeding beschreven. Voor materiële schade zijn artikelen 6:95 BW en artikel 6:96 BW van belang.

Vermogensschade en artikel 6:95 BW

Artikel 6:95 BW beschrijft de basis voor de mogelijkheid van aanspraak op materiële schade:

“De schade die op grond van een wettelijke verplichting tot schadevergoeding moet worden vergoed, bestaat in vermogensschade en ander nadeel, dit laatste voor zover de wet op vergoeding hiervan recht geeft.”

Met ander nadeel wordt in bovengenoemd artikel bedoeld de immateriële schade.

Voorbeelden hiervan zijn:

  • Lichamelijke pijn
  • Geestelijk leed
  • Vermindering van levensvreugde

Door middel van uitbetaling van een smartengeldvergoeding wordt deze ‘schade’ vergoed.

Vermogensschade en artikel 6:96 BW

De wetgever heeft in art. 6:96 BW aangeven wat er onder vermogensschade mag worden verschaard[3].  In beginsel is materiële schade direct in geld uit te drukken. Materiële schade kan bijv. ontstaan door een verkeersongeval, een bedrijfsongeval, een hondenbeet of door een andere type ongeval waarbij de benadeelde letsel oploopt. Enkele voorbeelden van vermogensschade bij letselschade kan zijn:

  • Medische kosten, zoals het eigen risico van de zorgverzekering of kosten voor fysiotherapie;
  • Beschadiging van goederen, zoals een auto of een fietsen; en/of
  • Misgelopen inkomsten, zoals een misgelopen promotie of studievertraging.

Geleden verlies en gederfde winst

Iemand die bij een ander schade veroorzaakt en die daarvoor aansprakelijk wordt gehouden dient, op grond van de wet, de veroorzaakte schade te vergoeden. Schade kan zich voor doen in de vorm van materiële schade en ander nadeel.

Volgens art. 6:96 BW omvat vermogensschade zowel geleden verlies als gederfde winst. Beide termen zullen worden uitgelegd aan de hand van een fictieve casus. In deze fictieve situatie waarbij iemand (de gelaedeerde) is aangereden en daar lichamelijke letsel aan heeft overgehouden, kan het voorkomen dat diegene door het ongeval enkele maanden niet heeft kunnen werken waardoor hij/zij minder inkomsten heeft genoten. Verder kan het voorkomen dat de gelaedeerde extra uitgaven heeft gehad wegens medische kosten (bijv. door een bezoek aan de huisarts of fysiotherapeut) die niet werden vergoed door zijn/haar zorgverzekering. In deze fictieve casus kan het misgelopen inkomen worden gekwalificeerd als ‘gederfde winst’ en de medische kosten als ‘geleden verlies.’

Materiële schade en de redelijke kosten

Art. 6:96 lid 2 BW stelt dat voor vermogensschade mede voor vergoeding in aanmerking komen:

  1. “De redelijke kosten ter voorkoming of beperking van schade die als gevolg van de gebeurtenis waarop de aansprakelijkheid berust, mocht worden verwacht;
  2. De redelijke kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid;
  3. De redelijke kosten ter verkrijging van voldoening buiten rechte.”

Onder sub a) worden de redelijke kosten ter voorkoming of beperking van schade begrepen. De gelaedeerde is verplicht om de door hem/haar opgelopen schade zoveel mogelijk te beperken. Het kan voorkomen dat de gelaedeerde hiervoor kosten moet maken. De kosten voor het beperken van de opgelopen schade dienen redelijk te zijn, dat wil zeggen dat de kosten die gemaakt worden ter beperking en/of voorkoming wel in verhouding moeten staan met de hoogte van de schade. De stappen die worden gezet om de schade zoveel mogelijk te verminderen worden op redelijkheid getoetst. De kosten die noodzakelijkerwijs gemaakt worden ter beperking van de schade worden ook op redelijkheid getoetst waardoor gesproken kan worden van een dubbele redelijkheidstoets onder art. 6:96 lid 1 onder a BW.

Onder sub b) vallen de redelijke kosten ter vaststelling van de ontstane schade en de aansprakelijkheid. De kosten die de gelaedeerde maakt om zijn algehele schade vast te stellen, kunnen hieronder worden geschaard. Hierbij kan onder andere worden gedacht aan de kosten die worden gemaakt voor het verzamelen van bewijs (bijv. medisch advies van een medisch adviseur) en de eventuele kosten voor juridische bijstand. Ook hierbij geldt een redelijkheidstoets.

Onder sub c) worden de redelijke kosten ter verkrijging van voldoening buiten rechte verstaan. Een voldoening buiten rechte betekent ‘zonder tussenkomst van een rechter.’ De aansprakelijkstelling en de vergoeding van de schade wordt zonder tussenkomst van een rechter afgedaan.

Wijze van begroting vermogensschade

Art. 6:97 BW beschrijft de begroting van de schade. Volgens deze bepaling mag de rechter de schade begroten op een wijze die het meest met de aard van de schade in overeenstemming is. Schade dient in beginsel zo concreet mogelijk te worden begroot, dat wil zeggen, dat er met zoveel mogelijk individuele omstandigheden van de gelaedeerde rekening dient te worden gehouden[4]. Dat komt ook overeen met het uitgangspunt van het schadevergoedingsrecht, namelijk dat de gelaedeerde zoveel mogelijk dient te worden teruggebracht in een positie waarin hij/zij zou hebben verkeerd indien de schade niet was ingetreden[5]. Concrete schadevergroting betekent dat bij het berekenen van de schade de kosten die daadwerkelijk gemaakt zijn in overweging genomen zullen worden. Slechts in een aantal bepaalde gevallen wordt de schade abstract begroot, waarbij de rechter een efficiënte oplossing probeert te zoeken om zowel voor de gelaedeerde als de schadeveroorzaker. In beginsel kan worden gezegd dat materiële schade zich dient voor een concrete begroting terwijl immateriële schade vaak abstract wordt begroot.

Bronnen

[1] Immateriële schade wordt ook wel een vergoeding van smartengeld genoemd. Voor meer informatie over de immateriële schade, zie ook: https://letselschadeslachtoffer.nl/letselschade-wikipedia/smartengeldvergoeding/

[2] Grondslag artikel 6:95 jo. 6:106 lid 1 BW.

[3] Wegens praktische redenen zal deze beschrijving zich beperken tot art. 6:96 lid 1 en lid 2 BW.

[4] E.F.D. Engelhard & G.E. van Maanen, Aansprakelijkheid voor schade: contractueel en buitencontractueel, Deventer: Kluwer 2008, p. 4 e.v.

[5] S.D. Lindenbergh, Schadevergoeding: algemeen, deel 1, Deventer: Kluwer 2014, p. 901.

Diensten

Wat doen wij en voor wie doen wij dat? Voor slachtoffers van letselschade en voor letselschadeprofessionals die behoefte hebben aan objectieve informatie over letselschade.

Kennis

LetselschadeSlachtoffer.nl biedt met haar website de laatste stand van zaken op het gebied van Jurisprudentie en legt via Wikipedia de termen uit die bij letselschade worden gebruikt.

Hulp

Heeft u zelf een ongeval met letsel meegemaakt en wenst u professionele en kosteloze hulp van ervaren letselschadejuristen? Neem dan contact met ons op via het contactformulier op deze site.