LetselschadeSlachtoffer.nl

Hoge Raad 3 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:2895 (Heftruck arrest)

  • Arbeidsongeval 
  • Werkgeversaansprakelijkheid ex artikel 7:658 BW 
  • Causaal verband arbeidsongeval en huiselijke valpartij?

Onderwerp

Is een werkgever aansprakelijk voor het nieuwe letsel dat een werknemer thuis oploopt indien een werknemer al letsel had als gevolg van een arbeidsongeval?  

Rechtsvraag

Vindt het tweede (privé-)ongeval zijn oorzaak in de gevolgen van het eerste arbeidsongeval waarvoor de werkgever aansprakelijk was? Kortom, bestaat er een causaal verband tussen het arbeidsongeval en de (gevolgen van de) huiselijke valpartij?  

De feiten

Werknemer Swinkels is sinds 1 juli 2004 werkzaam als heftruckchauffeur/orderpicker op de afdeling kleinverpakking bij werkgever Maxit. Op 10 mei 2006 is Swinkels tijdens werkzaamheden gewond geraakt doordat hij is aangereden door een heftruck die door een collega werd bestuurd. Als gevolg hiervan loopt Swinkels onder meer vier gebroken tenen aan zijn rechtervoet op. Swinkels zijn voet is vervolgens in het gips gezet. De aansprakelijkheid voor de schade als gevolg van dit arbeidsongeval is erkend door Maxit.  

Swinkels heeft met gips om zijn voet vanaf begin juni 2006 vervangend zittend werk uitgevoerd. Nadat het gips is verwijderd werd Swinkels op 23 juni 2006 door de arboarts geadviseerd dat hij halve dagen zittend werk mocht doen en na één of twee weken, afhankelijk van de klachten mocht uitbreiden in uren en daarbij geleidelijk zijn eigen werkzaamheden zou kunnen hervatten. Op 28 juni 2006 heeft Swinkels voor het eerst weer enige tijd op de heftruck gewerkt. Eenmaal thuisgekomen struikelt Swinkels over en deurmat, waarbij hij ernstig knieletsel oploopt.  

Swinkels stelt Maxit vervolgens aansprakelijk voor het tweede ongeval. Hij stelt dat zijn voet nog niet geheel was genezen en dat hij door de werkzaamheden op de heftruck weer (meer) last heeft gekregen van zijn voet. Als gevolg hiervan is zijn rechterbeen gaan slepen en is hij bij thuiskomst over een deurmat gestruikeld. Werkgever Maxit stelt dat hij niet aansprakelijk is en stelt vervolgens dat Swinkels op 28 juni 2006 volledig genezen was en dat eventueel restletsel van het ongeval op 10 mei 2006  niet de oorzaak is geweest van de val op 28 juni 2006. Daarnaast stelt Marnix ook dat de toerekening aan haar van de gevolgen van die val thuis bij Swinkels niet redelijk is gezien de aard van de schade en het feit dat het causale verband ontbreekt.  

Kantonrechter

De kantonrechter oordeelt dat Maxit aansprakelijk is. Volgens de kantonrechter was de  rechtervoet van Swinkels nog niet helemaal genezen. Verder wordt aangenomen dat het rijden op de heftruck heeft bijgedragen aan het feit dat Swinkels meer pijn aan zijn voet heeft gekregen. Volgens de kantonrechter is er ‘weinig fantasie voor nodig’ om aan te nemen dat iemand die geen letsel heeft aan zijn voeten, minder snel zal struikelen dan iemand die op welke manier dan ook gehinderd is. Het ligt volgens de rechter dan ook voor de hand dat de belasting op de heftruck heeft bijgedragen aan het ongeval.  

Hof 

Maxit gaat tegen het vonnis van de kantonrechter in beroep. Het vonnis van de kantonrechter wordt door het hof vernietigd, de vorderingen afgewezen. Het hof was het eens met de kantonrechter dat het letsel van Swinkels nog niet restloos was genezen en dat het aannemelijk was dat het letsel en de pijn bijgedragen hebben tot de valpartij.  

Vervolgens oordeelt het hof dat er sprake is van een condicio sine qua non-verband (oorzaak-gevolg verband) tussen het arbeidsongeval en het letsel aan de knie. Niettemin overweegt het hof dat de schade van Swinkels als gevolg van de struikelpartij niet in zodanig verband staat tot het arbeidsongeval dat deze kan worden beschouwd als een toerekenbaar gevolg. Met andere woorden, het hof is van mening dat er sprake is van het condicio sine qua non-verband, maar de toerekening van deze schadelijke gevolgen aan Maxit op grond van art. 6:98 BW is volgens het hof niet redelijk. Het knieletsel staat namelijk in een zeer ver verwijderd verband tot het oorspronkelijke arbeidsgerelateerde letsel. Daarnaast overweegt het hof dat Swinkels in feite uitbehandeld was voor het letsel aan de voet en dat hij zelf invloed kon uitoefenen op de inrichting van zijn thuissituatie. Bovendien was hij met zijn thuissituatie bekend en is een mat voor de voordeur heel normaal, waardoor dit niet voor rekening van Maxit kan komen.  

Hoge Raad

De Hoge Raad overweegt dat het onduidelijk is waarom het hof van mening is dat de struikelpartij in lage mate in verband staat tot het oorspronkelijke voetletsel. Het hof heeft namelijk al overwogen dat het letsel van Swinkels nog niet helemaal was genezen en dat het waarschijnlijk was dat het letsel en de pijn hebben bijgedragen aan zijn val. Daarnaast heeft het hof geoordeeld dat iemand met een gezond stel benen minder snel onderuit zou gaan dan iemand die dit niet heeft. Uitgaande van deze vaststellingen door het hof kan de Hoge Raad niet inzien dat het knieletsel veroorzaakt door de valpartij in een zeer ver verwijderd verband staat tot het oorspronkelijke voetletsel ten gevolge van het arbeidsongeval. De Hoge Raad verwijst de zaak dan ook weer terug naar het hof.

Diensten

Wat doen wij en voor wie doen wij dat? Voor slachtoffers van letselschade en voor letselschadeprofessionals die behoefte hebben aan objectieve informatie over letselschade.

Kennis

LetselschadeSlachtoffer.nl biedt met haar website de laatste stand van zaken op het gebied van Jurisprudentie en legt via Wikipedia de termen uit die bij letselschade worden gebruikt.

Hulp

Heeft u zelf een ongeval met letsel meegemaakt en wenst u professionele en kosteloze hulp van ervaren letselschadejuristen? Neem dan contact met ons op via het contactformulier op deze site.