Hoge Raad 10 december 1999, ECLI:NL:HR:1999:AA3837 (Fransen/Pasteurziekenhuis)

  • Werkgeversaansprakelijkheid 7:658 BW
  • Artikel 7A:1638x (oud) BW
  • Omkering bewijslast

Rechtsvraag

Is in casu bij de beoordeling van de aansprakelijkheid van het arbeidsongeval in augustus 1995 art. 7A:1638x (oud) BW of art. 7:658 BW van toepassing? Moet de bewijslast omgekeerd worden, hetgeen inhoudt dat de werkgever moet stellen en bewijzen dat hij aan zijn zorgplicht heeft voldaan?

Casus

Mevrouw Fransen (hierna Fransen) is sinds 1 juni 1985 als verpleegkundige in dienst bij werkgever Stichting Pasteur Ziekenhuis (hierna Pasteur Ziekenhuis). Op 14 augustus 1995 heeft Fransen dienst op de Spoedeisende hulp. Fransen is bezig met haar werkzaamheden wanneer zij plotseling, mogelijk over een op de grond gevallen injectienaald, valt. Als gevolg van de val breekt zij haar heup. Direct na het ongeval is in de omgeving waar Fransen is gevallen een injectienaald op de grond gevonden. Hoe de naald op de grond terecht is gekomen, kon niet vast worden gesteld. Het is dus onduidelijk of de naald al op de grond lag, of dat Fransen zelf de naald heeft laten vallen.  Wat wel duidelijk is, is dat op de spoedeisende hulp gebruik wordt gemaakt van steriele optreknaalden die afzonderlijk zijn verpakt en klaar dienen te worden gezet in een potje op het bovenblad van een verbandkar.

Wat vordert het slachtoffer?

  • In deze zaak vordert Fransen schadevergoeding van het Pasteur Ziekenhuis op grond van art. 7A:1638x BW (oud).
  • Zij stelt dat Pasteur Ziekenhuis zijn veiligheidsverplichting ten aanzien van lokalen, werktuigen en gereedschappen waarin of waarmede het de arbeid deed verrichten niet is nagekomen.
  • Het Pasteur Ziekenhuis zou namelijk volgens Fransen door de inrichting van de verbandkar, waarbij een potje met naalden was volgepropt het gevaar hebben gecreëerd dat de naalden op de grond vielen.

Juridisch kader

Op 1 april 1997 is het nieuwe artikel 7:658 BW in werking getreden. Artikel 7:658 BW verving hiermee het oude artikel 7A:1638x (oud) BW. Er waren geen bijzondere overgangsbepalingen. Het ongeval van Fransen vond plaats voordat art. 7:658 BW in werking trad.

Artikel 7A:1638x BW (oud)

  • Op grond van artikel 7A:1638x BW (oud) was de werkgever ingeval van (door de werknemer te stellen en te bewijzen) niet-nakoming van zijn verplichtingen aansprakelijk voor de schade die de werknemer leed behoudens (door de werkgever te bewijzen) overmacht aan de zijde van de werkgever of grove schuld van de werknemer.

Artikel 7:658 BW (nieuw, huidig artikel)

  • Op grond van artikel 7:658 lid 2 BW is de werkgever in beginsel aansprakelijk voor schade die de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden lijdt, tenzij de werkgever aantoont dat hij zijn zorgplicht uit art. 7:658 lid 1 BW is nagekomen of dat de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer.

Omkering van bewijslast

  • Met het nieuwe artikel 7:658 lid 2 BW is er dus een wijziging ontstaan, er is een omkering van de bewijslast.
  • De bewijslast ligt nu op de werkgever.
  • Artikel 7:658 lid 2 BW bevat verder geen inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van het oude recht, art. 7A:1638x BW.

Kantonrechter

In het vonnis van 9 april 1997 heeft de kantonrechter de vordering van werkneemster die op artikel 7A:1638x (oud) BW is gebaseerd afgewezen, omdat de kantonrechter van mening was dat Fransen geen nauwkeurige omschrijving van de precieze toedracht van het ongeval heeft gegeven. Daarnaast had Fransen niet gesteld dan wel bewezen dat het ongeval niet zou zijn gebeurd, indien de werkgever voldoende veiligheidsmaatregelen had genomen. De kantonrechter komt daarom tot de conclusie dat het Pasteurziekenhuis niet tekort is geschoten in de nakoming van zijn (zorg)verplichtingen uit art. 7A: 1638x BW (oud). De schadevergoedingsvordering van Fransen wordt daarom afgewezen.

Hof

Op 8 juli 1997 gaat Fransen in hoger beroep tegen de uitspraak. Het hof is het eens met de uitspraak van de kantonrechter en bekrachtigt de uitspraak.

Hoge Raad

Fransen gaat vervolgens in cassatie tegen de uitspraak van het hof. De Hoge Raad oordeelt dat de kantonrechter en hof zijn uitgegaan van een onjuiste rechtsopvatting. De Hoge Raad overweegt dat in deze zaak moet worden nagegaan of art. 7A:1638x BW (oud) dan wel art. 7:658 BW van toepassing is. Deze vraag moet volgens de Hoge Raad worden beantwoord aan de hand van algemene overgangsbepalingen.

  • De Hoge Raad oordeelt vervolgens dat art. 7:658 lid 1 ten opzichte van art. 7A:1638x (oud BW) vrijwel niet gewijzigd is. Hetgeen inhoudt dat het geschil op grond van art. 7:658 BW beslecht dient/diende te worden.
  • Al met al leidt dit tot de conclusie dat nu Fransen schade heeft geleden in de uitoefening van haar werkzaamheden art. 7:658 lid 1 en 2 BW ertoe leiden dat het Pasteur Ziekenhuis aansprakelijk is voor de schade (door de val waarschijnlijk over de injectienaald) van Fransen, tenzij het Pasteur Ziekenhuis aantoont dat de zorgplicht uit art. 7:658 lid 1 BW is nagekomen of dat de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van Fransen.
  • Er is dus sprake van omkering van de bewijslast. Het Pasteur Ziekenhuis dient dan ook aansprakelijk te worden gehouden voor de geleden schade van Fransen.

Conclusie Fransen/Pasteurziekenhuis

Onder het oude recht moest de werknemer op grond van art. 7A:1638 BW (oud) aantonen dat de werkgever zijn zorgplicht (verplichtingen) niet is nagekomen en hierdoor schade is ontstaan. Indien de werknemer dit kon aantonen moest de werkgever de schade vergoeden. De werknemer moest dus zelf komen met het bewijs.

Onduidelijke toedracht komt voor rekening werkgever

Onder het nieuwe recht, art. 7:658 BW,  komt de aansprakelijkheid van de schade bij de werkgever te liggen. Dit gebeurt ook indien niet volledig duidelijk is wat de schadeoorzaak is. De werknemer hoeft nu dus alleen aan te tonen dat de schade hem of haar is overkomen in de uitoefening van de werkzaamheden. Het is aan de werkgever om te stellen en te bewijzen dat hij heeft voldaan aan zijn zorgverplichtingen.

  • Er is nu dus sprake van een omkering van de bewijslast.
  • De wijzigingen in de leden 1 en 2 hebben er dus voor gezorgd dat het voor een werknemer makkelijker wordt zich te beroepen op de werkgeversaansprakelijkheid.
  • Dit is maar goed ook, aangezien het voor een werknemer erg lastig is om aan te tonen dat een werkgever niet heeft voldaan aan zijn zorgverplichtingen.
  • Een werknemer heeft hiertoe namelijk bepaalde informatie van de werkgever nodig en de kans is groot dat de werkgever deze informatie niet snel zal verstrekken.

Diensten

Diensten

Wat doen wij en voor wie doen wij dat? Voor slachtoffers van letselschade en voor letselschadeprofessionals die behoefte hebben aan objectieve informatie over letselschade.

Kennis

Kennis

LetselschadeSlachtoffer.nl biedt met haar website de laatste stand van zaken op het gebied van Jurisprudentie en legt via Wikipedia de termen uit die bij letselschade worden gebruikt.

Hulp

Hulp

Heeft u zelf een ongeval met letsel meegemaakt en wenst u professionele en kosteloze hulp van ervaren letselschadejuristen? Neem dan contact met ons op via het contactformulier op deze site.